Directeur-bestuurder Annemarije: “We vertellen gezinnen dat het normaal is als het even tegenzit.”

‘Meer kinderen wachten op hulp.’ ‘Kosten jeugdhulp rijzen de pan uit.’ Het nieuws staat er regelmatig vol mee. Hoe ga je daar als jonge stichting mee om? In onze serie 5 jaar 5 verhalen vertelt directeur-bestuurder Annemarije hoe zij het werk van Jeugdteams sinds 2021 heeft zien veranderen. En wat volgens haar belangrijk is om gezinnen echt te helpen.
Jeugdteams Leidse Regio werd opgericht in 2021. Wat waren bij de start belangrijke punten om aan te werken?
“Aan het begin moest de organisatie nog helemaal neergezet worden. Dat betekent dat we ons destijds bezighielden met vragen als: welke taken hebben de jeugdhulpverleners en wat zijn de verantwoordelijkheden van de teammanagers? Welke aanpak kiezen we als organisatie als een gezin ons om hulp vraagt? En hoe werken we samen met de gemeenten en de andere jeugdhulporganisaties in de Leidse regio? Ondertussen hadden we als kersverse stichting direct de plicht om hulp te verlenen. Het ‘echte’ werk met gezinnen ging altijd door.”
Heb je het werk van Jeugdteams zien veranderen in 5 jaar tijd?
“We zijn in het belang van gezinnen steeds kritischer geworden op de vragen die op ons afkomen. Als een gezin bij ons aanklopt, durven we de vraag te stellen of wij de beste organisatie zijn om verder te helpen. Niet elk opvoedprobleem heeft namelijk een oplossing in de specialistische jeugdhulp nodig. Als een kind bijvoorbeeld erg stil is en het moeilijk vindt om vrienden te maken, kan je eerst kijken of activiteiten van het jongerenwerk in het buurthuis helpen. Misschien kan het kind daar leren om contact te maken en dan is jeugdhulp helemaal niet nodig. Uiteindelijk is dat ook gewoon fijner voor een gezin.”
“Deze cultuuromslag noemen we in jargon ‘normaliseren’: het besef dat meer jeugdhulp niet altijd beter is en dat tegenslag soms nou eenmaal bij het leven hoort. Hierin hebben we als prestatiemaatschappij nog een lange weg te gaan, want heel veel mensen vinden het heel belangrijk om zo succesvol mogelijk te worden. Maar daar zou het niet om moeten gaan. Het is echt mijn persoonlijke drijfveer dat kinderen en jongeren kunnen meedoen aan de samenleving op een manier die bij hen past en waar zij blij van worden. Anders doen we kinderen die nét iets anders denken echt tekort.”
Niet elk opvoedprobleem heeft een oplossing in de specialistische jeugdhulp nodig.
Waarom trekt jou dat zo erg aan?
“Omdat ik het in mijn eigen omgeving zie gebeuren dat kinderen niet meekomen doordat ze de wereld anders tegemoet treden. Dat is allereerst heel triest voor die kinderen zelf die zich afvragen ‘waarom lukt het mij niet om een diploma te halen?’ ‘Wat is er mis met mij?’ Tegelijkertijd is het zo zonde voor de samenleving, want deze kinderen hebben ook veel talenten die we nodig hebben om met elkaar vooruit te komen. Daarom wil ik echt mijn bijdrage leveren aan een maatschappij waarin ieder kind zichzelf mag zijn en waarin dat op waarde geschat wordt.”
De wachtlijsten in de jeugdhulp zijn geregeld in het nieuws. Wat heb jij bij Jeugdteams daarvan gemerkt?
“Op het moment ondersteunen we rond de 1.500 kinderen en ouders per jaar. Dat is een lichte daling ten opzichte van 2023. Wel is de situatie waarin wij hulpvragen oppakken ingewikkelder geworden doordat er zoveel wachtlijsten zijn. Wij hebben zelf een wachtlijst en de specialisten waar wij naar doorverwijzen hebben een wachtlijst. Aan de ene kant kan dit ervoor zorgen dat de problemen in een gezin verergeren, aan de andere kant komt veel druk te staan op onze jeugdhulpverleners. Want die willen de beste hulp voor hun gezinnen, maar soms is die gewoonweg niet beschikbaar. Dan draag je een grote verantwoordelijkheid als hulpverlener.”
We merken geen grotere toestroom. Wel is de situatie waarin wij werken door wachtlijsten ingewikkelder geworden.
En een ander hot topic: de stijgende kosten van de jeugdhulp. Hoe ga je bij Jeugdteams daarmee om?
“Ik merk dat er aan de beleidsmatige kant een grote drang is om grip te krijgen op de kosten. In de praktijk betekent dit dat er in ons werk steeds meer regels en protocollen komen om maar duidelijk te krijgen of iets niet te veel tijd en geld kost. Dat vind ik een lastige ontwikkeling. Ik begrijp dat administratie nodig is om te controleren waar geld heen gaat, maar dat kost ook tijd die we dan niet kunnen besteden aan hulpverlening. Dan vraag ik me af hoe effectief die kostenbeheersing eigenlijk is voor wat we willen bereiken: dat ieder kind kan meedoen aan de samenleving.”
Wat zijn volgens jou de belangrijkste successen in 5 jaar Jeugdteams?
“Allereerst waar ik het net al over had: dat we kritischer durven te beoordelen of wij de beste plek zijn om een hulpvraag op te pakken of dat een gezin beter af is met ondersteuning in de eigen omgeving buiten de jeugdhulp. Daarnaast hebben we heel veel samenwerkingen opgezet met andere partijen in de regio. Zo nemen de jeugdbescherming en Veilig Thuis tegenwoordig deel aan overleggen waarin we de hulpvragen van onze gezinnen bespreken. Een ander voorbeeld is dat we in samenwerking met FamilySupporters een groepstraining hebben opgezet voor kinderen tussen de 8 en 12 jaar die het moeilijk vinden om met hun emoties om te gaan. Door deze samenwerkingen weten we elkaar te vinden in het jeugdhulplandschap en maken we gebruik van elkaars expertise. Uiteindelijk wordt de ondersteuning aan gezinnen daar beter van.”
“Ook wil ik benoemen dat ik heel trots ben op hoe onze jeugdteams hebben gepresteerd ondanks het tekort aan personeel. In de 5 jaar dat we bestaan, zijn onze teams nog nooit op volle sterkte geweest. Nooit. En toch zet iedereen de schouders eronder om te zorgen voor goede hulp aan de inwoners in de wijk.”
Onze teams zijn altijd onderbemand geweest. En toch zet iedereen zijn schouders eronder.
Wat wordt de komende jaren de grote uitdaging voor Jeugdteams?
“Het wordt voor ons een uitdaging om enerzijds een stap naar achteren te zetten om niet elk opvoedprobleem jeugdhulp te laten zijn. Anderzijds moeten we toegankelijk blijven in de wijk. Door normaliseren zien we namelijk dat hulpvragen op andere plekken worden opgepakt. Scholen en welzijnsorganisaties pakken vaker lichte hulpvragen op, waardoor we bij Jeugdteams een verschuiving naar zwaardere hulpvragen merken. Toch willen we voor alle gezinnen aanspreekbaar blijven. Het wordt dus de kunst om ons te positioneren als een laagdrempelige voorziening in de wijk én als een hulpaanbieder die vooral voor zwaardere hulpvragen is bedoeld.”
Heeft jouw gezin hulp nodig?
Ieder gezin maakt wel eens moeilijk fases door, maar soms kom je er niet meer uit. Ook niet met hulp van je familie, de juf of de huisarts. Op het moment dat je denkt ‘ik weet het echt niet meer’, staan wij voor je klaar.
